vrijdag 22 april 2011

Over het schandaal dat zich Facebook noemt

Verwrongen tronie
Als we in onze democratische samenleving een uiterst dubieus, want fascistoïde getint, instituut mogen kwalificeren als the ugly face of capitalism, dan is het wel de als vriendensite gepropageerde internetsite Facebook. Daaraan zijn nu weliswaar vier miljoen Nederlanders gelieerd, maar grote aantallen vormen nu eenmaal geen garantie voor kwaliteit. Miljoenen liepen, zij het vooral in centraal Europa en de omringende landen, indertijd achter Hitler aan, en daarmee is het antwoord op een eventuele vraag of zovelen zich kunnen vergissen, hier al direct gegeven.
Facebook achten wij een uitermate kwalijke instantie, die niets anders doet dan mensen dingen voorspiegelen, doch geen ander doel nastreven dan zelf zoveel mogelijk geld te verdienen aan u en mij en alle anderen die zich in de webben van die giftige spin hebben laten inweven. Eraf kun je niet, en daarmee tonen degenen die voor het systeem verantwoordelijk zijn dat ze er een Gestapo-mentaliteit op nahouden. Men wil u vasthouden en uitpluizen en men doet daarnaast alles om ook al degenen die geen lid van de club zijn of zelfs maar tegen betaling zouden willen zijn, te ontleden op elk gebied. Weerzinwekkend, dat sowieso.
Kort en goed, genoemde instantie maakt deel uit van hetgeen op ons zou afkomen, zoals gezegd is in de Openbaring en dat sedert enige tijd een conglomeraat van feitelijkheden is geworden: het beest dat uit den afgrond opkomt (Apocalyps / Openbaring van Johannes Hfdst XI vers 7 ) en dat zal worden aanbeden, zoals vier miljoen Nederlanders thans actief dan wel passief 'aanbidden' (Apocalyps XIII: 4.)
Facebook is een van de grootste bedreigingen van een vrije samenleving, net als tal van zich als democratisch postulerende regeringen in ons avondland.

De massa's aanbidden het Beest dat uit den Afgrond is opgekomen.

 Diverse uitzendingen

Op zaterdag 23 april kunt u via de televisiezender Nederland 2 een nieuwe aflevering van het KRO-programma Reporter bekijken, die de titel draagt Vrienden voor het leven. Dat is al direct een slag in het gezicht, een welhaast ongelooflijke gotspe voor het begrip vriendschap en dus meteen huiveringwekkende hoon jegens al degenen, die dat fenomeen wel kunnen hanteren ten faveure van alle betrokkenen en niet meteen of in de loop van de beklijvende contacten de vrienden tot en met het merg willen uitzuigen. Dat het met vriendschap in de samenhang met Facebook extreem slecht gesteld is, weet ieder die het wil weten. Facebook is het onderwerp van de uitzending in kwestie en dus is vriendschap zeker niet aan de orde, en dat het tegendeel een feit is ─ en de uitermate slechte naam van het bedrijf meer dan volkomen terecht is ─, wordt omstandig uit de doeken gedaan tussen 22:35 uur en 23:15 uur.
Regeringen op nationaal niveau en eventuele schijnbare samenwerkingsverbanden, zoals de Europese Commissie doen vrijwel niets in die context ter bescherming van de inwoners van de aangesloten landen. Waar blijft nu de harde hand van Brussels 'Tante Neelie', die wel concurrentievervalsing aanpakt, maar niets doet tegen inbreuk op de privacy. Waarom dat niet gebeurt? Dat kunnen we u haarfijn uitleggen: omdat overheden op elk niveau zelf sjoemelen om het leven waar het gaat om dergelijke, bestaande, wetgeving. Als een wet de dubieuze wezens van het regeerakkoord in ons land niet past, dan maken ze de wetten wel zo dat ze alle kwalijks op legale wijze kunnen toepassen. Je vraagt je af of ze al architecten op het oog hebben die bepaalde instituten ter internering moeten ontwerpen waar degenen die zich nu nog kritisch uiten, straks volgens hen zouden moeten worden geconcentreerd.
Op genoemde zender is de aflevering in kwestie te zien tussen 22:35 uur en 23:15 uur.
Herhalingen zijn te zien op de digitale televisiezender Holland Doc 24, op zondag 24 april, tussen 21:54 uur en 22:31 uur; en op dinsdag 26 april, tussen 18:14 uur en 18:51 uur.

dinsdag 19 april 2011

Over het geestelijk failliet van 'de 'sociale media'

Voor de Maand van de Filosofie heeft Stine Jensen een essay geschreven met de titel Echte vrienden: Intimiteit in tijden van Facebook, Geen Stijl en Wikileaks. 
Dat essay vormt haar reactie op een persoonlijk experiment met Facebook: het experiment van een liefhebber van dat mediun: een tijdelijke liefhebber, om hier volledig te zijn. Na een half jaar begon ze twijfels te krijgen. Dat kwalificeerde de populaire filosofe als knagen, aangezien ze langzaam maar zeker het gevoel kreeg dat de vrienden op dat sociale medium via de elektronica op tal van fronten een onechte indruk maakten. Of was het toch minder vreemd dan het leek en voelden die mensen zich echt zo gelukkig als ze pretendeerden?


Zelf heb ik alleen Facebook uitgeprobeerd, en reeds heel snel bleek dat ik in dit leven en zeker gedurende de eerste honderdnegentig reïncarnaties niet de geringste behoefte (zal) koester(en) me daarmee, of met soortgelijks, in te laten, om maar te zwijgen van de gedachte mijn aandacht te besteden aan de wijze waarop het gros van de gebruikers zich gedraagt. Anders gezegd: hoewel ik een afschuw heb van jenever, dan geef ik toch de voorkeur aan een halve milliliter van dat vocht. Duidelijk genoeg?

Genoemd Facebook was voor mij snel zo afstotelijk dat ik vergelijkbare media niet (meer) heb willen uitproberen, ook en vooral omdat bij mij de stellige mening heeft postgevat dat een dergelijke uiting van extrem(istisch)e geestelijke armoe geen optie voor inmenging in welke vorm dan ook rechtvaardigt. Dan is eerst maar eens een reeks millennia dood zijn toch rustiger, dunkt mij.
Vervelend genoeg blijkt dat je je niet van Facebook kunt (laten) verwijderen. Alle mensen die ik ken en er tevens meer dan genoeg van hadden, kwamen met dezelfde conclusie: éénmaal erop, dan kom je er nooit meer af.
Dat geldt overigens ook voor LinkedIn, een instantie die even schandalig is, aangezien ik de indruk heb van een professioneel relatiebemiddelingsbureau: ongevraagd worden mensen aan je voorgesteld die je niet kent en via een dergelijke instantie ook al helemaal niet wilt leren kennen. Uitermate weerzinwekkend!
In een nieuwe aflevering van het televisieprogramma Profiel van de KRO kunt u naders vernemen over wat Stine Jensen zich zoal voorstelt van het wel en vooral het wee van dergelijke instanties. De bijdrage is te zien op Nederland 2, tussen 23:00 uur en 23:40 uur.

Jan Cremer en zijn talrijke soorten kunst-stof

Sensatie
Wat was het een uiterst sensationeel gebeuren, nu bijna een halve eeuw geleden, toen de 'roman' Ik Jan Cremer uitkwam [1]. Vanwege de sensuele, niet zelden expliciet-seksuele, passages werd het boek in tal van maatschappelijke geledingen ten strengste veroordeeld. Toch heb ik meegemaakt ─ ik was in die dagen zelf boekhandelaar ─ dat streng-christelijk georiënteerde lieden met in ieder geval één gespitst oor luisterden als andere klanten elkaar juist die passages voorlazen.

Het ligt voor de hand dat de meest abjecte roddels de ronde gingen doen, welke nog meer in aanmerking kwamen voor de kwalificatie pathologische laster. Zo zou Jan Cremer niet eens in staat zijn ook maar één regel op papier te krijgen, omdat hij altijd in andere sferen zou verkeren, en met die woorden kon men maar aan het invullen slaan. Wachtend op een interviewer zou hij niet eens iets willen lezen en maar voor zich uit blijven staren.
Een interview met Leo Kool, uitgezonden door de VPRO-televisie leek al die vermoedens en lukraak gedane mededelingen eerder te bevestigen dan dat Jan Cremers optreden ook maar in de geringste mate heeft bijgedragen tot een ietwat genuanceerder beeld.

Ghost-writers

Een van der mees hardnekkige geruchten die rondzoemden, was het verhaal over de twee ghostwriters, die het boek voor Jan Cremer zouden hebben geschreven: heren der scheppende letteren, die het tijdschrift Gard Sivik zouden domineren: Simon Vinkenoog (1928-2009) en Cornelis Bastiaan Vaandrager (1935-1992). In delen van de boekhandel  bestond de indruk dat de uitgever er niet in het minst enig belang bij had deze geruchten te ontzenuwen, aangezien die in positieve zin zouden bijdragen tot de niet-ongewenste legendevorming rondom de persoon Jan Cremer.
Een uitgever die bij mij in de zaak met enkele anderen van gedachten wisselde over deze tot nationale affaire uitgegroeide kwestie, meldde dat er geen proces wegens pornografie zou volgen omdat uitgeverij De Bezige Bij het predicaat koninklijk droeg en daarmee onschendbaar zou zijn: directeur Geert Lubberhuizen hoefde "zijn vriend Prins Bernhard" maar op te bellen en Justitie hield zich wel gedeisd.

Feiten

Het blijft echter een feit dat Jan Cremer het boek ─ een paperback, die opvallenderwijs tien gulden moest kosten, hetgeen bijna het dubbele bedroeg van wat als gangbaar gold ─ relatief snel door een tweede liet volgen. Nadat de storm enigszins was geluwd en Nederland in de tweede helft van de jaren zestig ijverig ging meedoen aan de seksuele revolutie ─ welke plotsklaps in meer geledingen van de maatschappij een bevrijdend effect had dan men aanvankelijk had gedacht ─, werd de eventuele opwinding over de inhoud van de werken van Jan Cremer, letterlijk en figuurlijk, naar de achtergrond verdrongen,
Daarna heeft de man zich nog op andere manieren binnen het circuit der kunsten gemanifesteerd, onder meer als schilder, en in die context is hij zelfs een deel van het establishment geworden: zo gaat dat dikwijls met aanvankelijk revolutionair optredende figuren. Op de pen van een bankinstelling prijkte een kunstwerk van Jan Cremer.

Close up
Op woensdag 20 april is het alweer zeventig jaar geleden dat Jan Cremer te Enschede werd geboren. Naar aanleiding daarvan presenteert AVRO-televisie op dinsdag 19 april, via Nederland 2, een aflevering van het programma Close up, die geheel is gewijd aan dit culturele fenomeen. De film draagt de titel Jan Cremer ─ Ik schilder, ik schrijf, ik schilder. Daarin wordt getoond hoe een jongen uit Enschede, behept met veel talent, erin is geslaagd zich uit bittere armoe op te werken tot het vermaarde ("wereldberoemde") fenomeen dat nog altijd voldoende heeft aan alleen zijn naam: Jan Cremer; dat ik van anno toen hoeft er niet (meer) bij.

De film zal worden uitgezonden tussen 23:00 uur en 23:55 uur. Een herhaling zal te zien zijn op het digitale tv-kanaal Holland Doc 24, op woensdag 27 april, tussen 16:40 uur en 17:33 uur.
__________
[1] De roman Ik Jan Cremer is voor het eerst verschenen in 1964. In 1980 is de tweeënveertigste druk uitgekomen in een kleinere paperbackeditie dan de eerste druk. 

vrijdag 15 april 2011

Speelfilm Fanny Hill in twee delen op BBC Four

In de nacht van zaterdag 16 op zondag 17 april wordt ─ tussen 00:25 uur en 01:25 uur ─ het eerste deel (van twee) uitgezonden van de speelfilm Fanny Hill uit 2007 van James Hawes, naar de roman Memoirs of a Woman of Pleasure, or Fanny Hill uit 1749, een jaar later in een gekuiste versie opnieuw uitgekomen. De auteur heet John Cleland (1709-1789), die als romanschrijver beroemd en tegelijkertijd berucht was, in eerste instantie als gevolg van het hier genoemde, verfilmde, boek. In de film spelen onder anderen Rebecca Night, Alison Steadman en Samantha Bond.
Toen de Nederlandse vertaling van Fanny Hill ─ door G.B. Revis, die ook een inleidend woord in de Nederlandse editie heeft geschreven ─  op de markt is gekomen in 1963, was ik nog boekhandelaar en zaten we middenin die, nimmer begrepen, censuur-, respectievelijk verbod-toestanden. Tegen het vertalen zelf had geen enkele niet-dictatoriale regering iets kunnen doen, maar tegen het verspreiden ervan wel, Grofste schandaal binnen dat geheel was het feit dat verspreiding van de Engelstalige versie in ons land niet werd verboden, op basis van de aanname dat mensen die Engels hadden geleerd per definitie meer ontwikkeld waren, ook op seksueel gebied en het lezen over seksuele toestanden en gebeurtenissen. Kennelijk was de Nederlandse overheid, evenals zoveel andere, niet op de hoogte van de uitdrukking: hoe groter geest, des te groter beest. Ik kreeg dan ook het gebruikelijke bezoekje van de 'vaste brigadier' van de zedenpolitie in het Groningse politiekorps, de heer vdB, die kwam vragen of we dat inmiddels boek in voorraad hadden, waarop ik ontkennend kon reageren. En vol overtuiging, al had mijn collega van de uitgever, met wie hij zakelijk zelfs bevriend was, de toezegging voor honderd exemplaren met zestig procent grossierskorting gekregen, hetgeen ik pas daarna te horen kreeg. De uitgever kende ook heel wat kleine zaakjes, verspreid over Nederland, waar het boek onder de toonbank vandaan werd verkocht.
De Nederlandse uitgever hoopte een slaatje te kunnen slaan uit alle om Fanny Hill ontstane commotie door de prijs voor het, in fel rood kunstleer gebonden en van een wat oppervlakkig aandoend stofomslag voorziene, boek op ƒ 12,90 te stellen, hetgeen zeker vier gulden hoger lag dan wat zo'n boek onder normale omstandigheden zou moeten kosten.

(wordt vervolgd)

dinsdag 12 april 2011

Profiel van en met een zichtbare denker

Nederland 2-televisie biedt u allen op woensdag 13 april, 's avonds tussen 23:00 uur en 23:40 uur, de gelegenheid u enigszins bij de neus te laten nemen op het moment dat u vrijwel gelijktijdig op het verkeerde been wordt gezet. Een enkeling laat zich zelfs graag bij de neus nemen, en dat is dan vast en zeker iemand die ook de bewering serieus wenst te nemen, welke afkomstig is van Oscar Wilde (1854-1900) en die inhoudt dat van lezen je neus gaat groeien. Laten wij nu lange tijd hebben geloofd dat dit verschijnsel alleen voorkwam bij jokkebrokken.
Kortom, de Humanistische Omroep stelt de kijkers op genoemd tijdstip in de gelegenheid om voldoende stof te verzamelen voor discussies, als gevolg van hetgeen aan de orde komt in de nieuwe aflevering van de programmareeks Profiel, welke dan de ether in geslingerd zal worden.
De focus in die aflevering is gericht op Marjolijn Februari (geboren 1963), die jurist, filosoof en auteur van enige succesvolle romans is, en naast dat alles ook nog naam heeft gemaakt als gezaghebbend columniste.
Deze markante persoonlijkheid wordt gevolgd door Frederieke Joche
ms (geboren 1980), die enkele publieke optredens van mevrouw Februari heeft bijgewoond.

vrijdag 8 april 2011

Labyrinth Robert Hare onderzoekt psychopathie

Dinsdag 12 april zendt de NTR, in samenwerking met de VPRO, een aflevering uit van het programma Labyrinth, via Nederland 2, tussen ongeveer 21:25 uur en circa 22:00 uur. De titel hiervan luidt Zonder geweten. Daarin worden de kijkers geconfronteerd met de Canadese psychiater Robert Hare 9geboren 1934), die ook al zo´n vier decennia onderzoek doet naar psychopathie. Tegenwoordig richt hij zich vooral mensen die zich manifesteren als corporate psychopaths, die Hare kwalificeert als slangen in pakken.
Psychiater Robert Hare.
Het eerste onderzoek dat Hare heeft verricht onder tweehonderd ceo's [1] van grote Amerikaanse bedrijven, heeft als resultaat getoond dat deze groepering hoog scoort als het gaat om associaties met de lijst van symptomen met betrekking tot psychopathie.
Inmiddels was men zo ver gevorderd dat men in de neurobiologie verder heeft gezocht naar mogelijke links met psychopathie. 
De inzichten die daaruit zijn verkregen zijn interessant voor hersenonderzoek, aangezien ze helpen voor verdere stappen die de stoornis kunnen voorkomen.
Inti Brazil heeft hersenonderzoek verricht bij psychopaten in de Pompe-kliniek te Nijmegen. Daar kwam hij tot de ontdekking dat psychopaten niet reageren op de fouten van anderen, hetgeen (zogenaamd) gezonde mensen wel doen.
__________
[1] ceo: chief executive officer.

zondag 3 april 2011

BBC Radio 3 op 3 april:Words and Music

Standbeeld van de
dichter John Betjeman
In de aflevering van het BBC Radio 3-programma Words and Music die op zondag 3 april, vanaf (onze tijd) 23:15 uur wordt uitgezonden, en die tot 00:30 uur in de nacht op maandag 4 april duurt, kunt u luisteren naar proza, muziek en poëzie welke hun inspiratie hebben gevonden in de jaren veertig van de vorige eeuw.
Voordrachten zullen worden gehouden door David Haig en Deborah Findlay. De teksten die men te horen krijgt, zijn afkomstig uit het oeuvre van respectievelijk Cecil Day-Lewis (1904-1972), John Betjeman (1906-1984) en Wystan Hugh Auden (1907-1973).

De muziek die daarbij aan de orde komt, stamt van componisten met een internationale uitstraling: één Rus, Sergej Prokofjev (1891-1953), en twee Britten: Ralph Vaughan Williams (1872-1958) en Benjamin Britten (1913-1976).